Verklarende Woordenlijst

 

Omdat er nogal wat “moeilijke” woorden voorkomen in de biljartsport, volgt hieronder een verklarende woordenlijst:

 

  • á cheval
    Dit wordt door de arbiter geannonceerd als de ballen bij elkaar maar toch in verschillende vakken liggen.
  • Acquitstoot
     
    Punt op het biljartlaken waarop de ballen dienen te worden geplaatst bij de aanvang van een partij, bij het vastliggen of uitspringen van ballen of voor de gelijkmakende beurt aan het slot. De acquits worden aangegeven met uiterst dun getekende kruisjes. Er zijn vijf acquits op een biljarttafel:
    Het bovenacquit, het middenacquit, het linker benedenacquit, het beneden middenacquit en het rechter benedenacquit.
  • Amortiseren 
    Het temperen vaan de loopkracht van de speelbal. De bedoeling van het amortiseren is, de speelbal zoveel mogelijk bij de derde bal te kunnen houden, om de twee ballen bij de derde bal te verzamelen.
  • Biljarderen
    De pomerans raakt nog steeds de stootbal op het moment dat de stootbal in aanraking komt met de tweede bal, (het doorduwen) deze ballen worden afgekeurd.
  • Carambole
    Met de pomerans de stootbal dusdanig raken dat uit die beweging de tweede en de derde bal ook geraakt worden door de stootbal.
  • Carotte
    De tegenstander een bewust moeilijke positie achterlaten als de poging tot caramboleren niet lukt.
  • Dedans
    Als na een gemaakte carambole de 2 ballen nog steeds in hetzelfde vak liggen dan annonceert de arbiter ‘dedans’ en dient er bij de volgende stoot minimaal 1 bal uit het vak gespeeld te worden.
  • Doorstoot
    Het dusdanig raken van de stootbal dat deze nadat de tweede bal wordt geraakt deze zijn weg rechtdoor vervolgt.
  • Entré
    Indien de te raken 2 ballen in hetzelfde vak komen te liggen dan annonceert de arbiter ‘entrée’, indien het om het spel 47/1 gaat dan is er uiteraard sprake van ‘dedans’.
  • Massé
    Kopstoot met effect zodat de speelbal om de eerste bal heen loopt.
  • Moyenne
    Elke speler heeft een gemiddelde, moyenne, dit staat voor het aantal caramboles wat een speler maakt in één beurt. Dit varieert bij bv. Het libre van 0,15 voor de beginners tot 300,00 à 400,00 voor de wereldtop.
  • Piqué
    Kopstoot met vrijwel loodrechte keu, zonder zijeffect, waarbij de bal lijnrecht in de richting van het gegeven effect terugkeert.
  • Rappel
    Een bal dusdanig raken dat bal 2 via een band terugkeert op zijn oorspronkelijke positie
  • Restez dedans
    De bal heeft, na annoncering van dedans door de arbiter, het vak niet verlaten en wordt afgeteld.
  • Serie américaine
    De grondlegger hiervan is nog steeds een punt van discussie, verschillende personen komen hiervoor in aanmerking. De mogelijke kandidaten zijn de Amerikanen Willy Hoppe (mijn favoriet), Sexton en Schaeffer evenals de Fransman Berger en de gebroeders Dion uit Canada.
    Een serie américaine houdt in: een serie te maken langs de band en darbij de ballen in een bepaalde positie trachten te houden, welke deze serie mogelijk maakt.
    Rechtshandige spelers spelen het biljart met de klok mee en linkshandige spelers tegen de klok in.
  • Trekstoot
    Stoot tegen de onderzijde van een biljartbal, waardoor deze terugloopt na de andere bal te hebben geraakt.
  • Trekstoot (opstoot)
    Deze dient om te bepalen welke speler mag zeggen wie er dient te beginnen. De ballen worden dan via de tegenoverliggende band gespeeld ten einde zo dicht mogelijk bij de onderste band uit te komen, diegene die het dichtst bij ligt is winnaar. Let op! Indien een speler de bovenliggende band raakt en speler twee heeft dan zijn bal nog niet geraakt , is ook winnaar.